Sinds 2005 wordt in Dalfsen strijd gevoerd tegen de komst van 6 tot 10 turbines. De gemeenteraad kan het echter niet eens worden over de locaties. De discussie over windmolens op Dalfser grondgebied trekt de gemeenteraad in een steeds grotere spagaat. Een verdeeldheid waarvoor de raadsleden overigens zelf gezorgd hebben. Of eigenlijk, de raadsleden uit de vorige bestuursperiode.

Met een krappe meerderheid werd in januari vorig jaar besloten dat het Dalfserveld (Hooislagen) de beste locatie voor windturbines is. CDA, ChristenUnie en PvdA vormden toen die meerderheid. Het besluit was onder de voorwaarde dat Zwolle geen windmolens gaat bouwen in Tolhuislanden (op Zwolse zijde) en dat de Staphorster locatie niet uitbreidt. Dit om een kluwen van windmolens relatief kort op elkaar te voorkomen. Die afhankelijkheid van andere partijen zit de gemeente nu ontzettend dwars. Zwolle houdt vast aan haar eigen plan en Staphorst laat zich ook niet ‘kortwieken’.
 

En zo heeft Dalfsen zich eigenlijk in een onmogelijke positie gemanoeuvreerd. Dalfsen wil echter per se windturbines op haar eigen grondgebied, zodat de gemeente ook haar steentje bijdraagt aan windenergie. Maar over de locaties komen partijen er niet uit. Ook in de nieuwe gemeenteraad zijn CDA, ChristenUnie en PvdA voor windmolens. CDA en ChristenUnie zijn nog steeds voor Dalfserveld, waar zes molens parallel aan de Hooislagen en de hoogspanningsleidingen zijn gepland. PvdA wil echter aansluiten bij het Zwolse initiatief en op de Dalfser zijde van Tolhuislanden turbines toestaan.
 

Die verdeeldheid werkt nu al maanden verlammend. De rol van de oppositie werkt daarbij ook niet mee. VVD is tegen, maar wil wel meepraten over de locatie, waarbij Tolhuislanden de voorkeur heeft. Gemeentebelangen is ook fel tegen en heeft nog geen voorkeurslocatie genoemd.
 

Volgende maand moeten de partijen dus opnieuw met elkaar in debat. Het lijkt er op dat er een dubbele axel nodig is om uit de spagaat te komen.

De Stentor, 24 oktober 2007